Tag: Godard van Ginkel

  • Prinselijk bezoek

    DatumPlaats
    Geschreven24 maart 1672Den Haag
    Ontvangen1 april 1672
    Lees hier de originele brief

    Margaretha verwacht hoogstaand bezoek op 24 maart. Zijne hoogheid, Prins Willem III van Oranje heeft namelijk aangekondigd om langs te komen op Amerongen. Hij wil dan de sollicitatie van zoon Van Ginkel bespreken en uitleggen waarom Godard van Ginkel is afgewezen.

    ick had gemeent vandaech van hier naer
    wttrecht te gaen, ten waere sijn hoocheijt
    mij liet segge vandaech noch bij mijn te
    wille koome om vande heer van ginckels 
    saecke1Godard van Ginkels sollicitatie naar de positie van generaal-majoor te spreecke daer ick op gewacht heb
    doch geloofve hijt vergeeten heeft also ick
    hem tot noch toe niet heb vernoomen
    nu hoope ick met godts hulpe merge
    van hier te gaen, en waer ick ben te
    blijfve

    Willem III komt helaas toch niet opdagen. Misschien is hij de afspraak vergeten, schrijft Margaretha. Ze schrijft aan Godard Adriaan om morgen naar Utrecht te gaan voor zaken en sluit de brief af.

    P.S. Willem III kwam toch

    ­naert sluijte van dees2na het afsluiten van deze brief heeft sijn
    hoocheijt mij deer gedaen van te koome
    segge hoeseer hij geneege is uhEd3u hoogedele
    en ons huijs dienst te doen, ock den
    heer van ginckel maer dat hij hem
    in sijn solisitaesi geen poosetijfve
    toeseggine4zekere toezeggingen en koste doen dewijlle
    deese plaetse niet bij overstemine5hier specifiek wanneer Willem III de gewesten overstemt door zelf, zonder hun instemming, benoemingen te doen
    soude worde vergeefve maer dat het
    bij inschickine6instemming vande provinsie sou
    moete gaen, en dat hij seer gaere

    hoewelt Een saecke is die aen hem niet
    en dependeert7afhankelijk zijn van maer aende proovinsie,
    voorde heer van ginckel al sal doen
    wat hij kan weetende wat oblijgaesi8verplichtingen
    hij uhEd heeft, de woorde sijn goet
    wij moete nu sien watter op sal volge
    hoewelt noch niet met al geseijt is,
    hij seijde ock dewijlt noch bij de provin
    – sie so vreemt lach niet te geloof dat
    se noch soude vergeegve worde, sijn hooch
    heijt besongeert9besogneren: beraadslagen noch alle daech met men
    men heer beverlin10Hieronymus van Beverningh, Gouds regent, diplomaat en gedeputeerde te velde

    Willem III is de familie Van Reede zeer genegen, zegt hij Margaretha, maar zijn handen zijn gebonden. Helaas kan Willem III niet alleen beslissen over de positie waar Godard van Ginkel naar gesolliciteerd had. De gewesten moeten met deze benoemingen instemmen. Helaas hebben zij dus gekozen, tegen Willem III’s wensen in, om Godard niet te promoveren. Wel belooft Willem III om alles te doen voor Godard wat hij kan, als dank voor de trouwe diensten die Godard Adriaan hem verleend heeft. De sollicitatie van Van Ginkel is afgewezen maar in de toekomst maakt hij weer kans. Margaretha’s vonnis is simpel: “de woorden zijn goed, we moeten nu zien wat er op zal volgen.”

  • Promoties in het leger

    DatumPlaats
    Geschreven18 maart 1672Den Haag
    Ontvangen25 maart 1672
    Lees hier de originele brief

    Nu Prins Willem III benoemd is tot kapitein-generaal, kunnen de andere functies in het Staatse leger ook vervuld gaan worden. Dat betekent promoties! Margaretha houdt deze benoemingen scherp in het oog. Deels omdat deze mannen het land moeten gaan beschermen en deels omdat haar zoon Godard van Ginkel ook gesolliciteerd had naar een hogere functie.

    [vande hoochge schersges,] steenhuijse1Ludolf van Steenhuizen seijt me
    datse luijtenant generael2luitenant-generaal is een zeer hoge naam in het leger. Alleen kapitein-generaal en veldmaarschalk zijn hoger neffens3nevens: naast weldere4Johan van Welderen, tevens gouverneur van Nijmegen
    sulle maecken, en de graef van nassou5Walraven (alternatieve spelling: Walraad) van Nassau Usingen, ook wel graaf van Nassau-Saarbrücken genoemd. Op dat moment kapitein van de prinselijke lijfwacht en

    momba6Jean Barton de Montbas, een Fransman in Staatse dient komijsarise generael7commissaris-generaal en voort alle
    inde hoochger schersgees8schare: een niet helemaal vastomlijnd legeronderdeel, kan ook als een gewapende bende bedoeld zijn kontentement
    geefve9tevreden stellen behalfve de heer van ginckel
    die ick vreese men sal laeten toe sien den
    heer van Suijlisteij10Frederik van Nassau-Zuylestein sal generael vande
    infanterij weesen en daer voor hondert
    gulde daechs hebbe, ick heb met de laeste
    post niet geschreefve meenende dat uhEd
    al naer saxsen waert nu verstaen ick
    dat die reijs of komisie11commissie, opdracht noch op gehouden
    is, ben verwondert uhEd mij daer noijt van
    heeft geschreefve, men maeckt hier groote
    preeperaesie tot den oorlooch en naert
    hem laet aensien salt Een swaer kom
    -bat12een zware strijd geefve had wel gewenst uhEd
    daerteegens, weer hier te lande waert
    geweest, maer dewijlle deselfve hem so
    van deene komissie in dander laet
    wickelen sien ick daer geen hoope toe
    den heer schadee13Jasper Schadé van Westum, was geëligeerde in de Staten van Utrecht hoore ick dat te velde
    gekoomiteert is14gedeputeerd te velde: vertegenwoordiger van de Staten-Generaal op het slagveld die beslissingen van de kapitein-generaal mag overreden, [voor mij ick sal so veel]

    Kort samengevat gaan de promoties in het leger naar:

    • Ludolf van Steenhuizen als luitenant-generaal
    • Johan van Welderen als luitenant-generaal
    • Walraven van Nassau-Usingen en Jean Barton de Montbas als commissaris-generaals
    • Frederik van Nassau-Zuylestein (heer van Slot Zuylestein nabij Kasteel Amerongen) als generaal van de infanterie

    Zoon Godard van Ginkel lijkt gepasseerd te worden en blijft kolonel van de cavalerie. De teleurstelling druipt er in Margaretha’s brief van af. De hoogste functies in het leger lijken naar andere personen te gaan. De loyaliteit van de familie Van Reede aan Willem III blijft onbeantwoord.

  • Eindelijk verlossing

    DatumPlaats
    Geschreven10 maart 1672Amerongen
    Ontvangen18 maart 1672
    Lees hier de originele brief
    Bevalling van een vrouw, anoniem, (1620 – 1664), coll. Rijksmuseum

    Op 8 maart staat de koets wéér klaar om Margaretha naar Utrecht te brengen en weer zal het haar niet lukken daar aan te komen.

    Bevalling

    Als ze in de koets wil stappen begint haar schoondochter te ‘kraken’: de bevalling begint! Omtrent half tien in de ochtend is het eindelijk zo ver: bijna 3 maanden nadat Philippota op Kasteel Amerongen aan kwam is ze bevallen van een dochtertje, gezond en wel geschapen. Een jonge Godard was natuurlijk zeer welkom geweest, maar Margaretha is dankbaar voor spoedige en makkelijke verlossing en het gezonde kind.

    voorleedene dijnsdach sijnde den 8 deeser so
    mijn koets gereet stont en ick daer meede naer
    wttrecht meende te gaen begost de vrou
    van ginckel te kraecken1de voorteekenen van de naderende bevalling vertoonen, barensweeën hebben, en is door de hulpe des
    heere dien merge ontrent de klocke half tien
    seer genadelijck en spoedich van Een dochter
    verlost
    het welcke een gesont en wel geschaepe vrucht
    is, hadde wel gewenst het Een jonge godert
    hadde geweest, dan het sijn gaefve des al=
    der hoochste, die wij niet genoech konne dancke
    voor so Een spoedige en genadelijcke verlos=
    =sine en gesonde vrucht, de kraemvrou is on
    gemeen wel naer den tijt hoope godt den heere
    haer hEd voort sterckte en volkoome gesontheijt
    sal verleenen, de heer van ginckel is deesen
    Middach wt den haech hier gekoomen verwacht
    ten nu alle Eure de heere van wulfve en wel
    =lant die over het kint ten doop sulle staen
    en soude wij noch gaeren sijne kristelijcke
    doop alhier in onse kercke deesen avont laeten geefven om
    daer in niet te versuijmen, [beuseckom heeft te]

    Doop

    Twee dagen na de bevalling is de vader van het kind, Godard van Reede – van Ginkel uit Den Haag aangekomen en nu wachten ze op de beide neven van de vader: de heer van Wulven en de heer van Welland. Zodra zij aankomen, kan het kind gedoopt worden.

    Margaretha vervolgt haar brief nog met allerhande wederwaardigheden. Ze verzucht dat het haar niet lijkt te lukken om in Utrecht te geraken om haar zakelijke afspraken na te komen. Ze stopt met schrijven en gaat de volgende dag verder.

    dus verde heb ick deese gistere geschreefve, ons
    kint heeft gistere avont sijn kristelijcken
    doop ontfange met de naem van reijniera, naer
    de vrou van ginckels vader, heb dit so goet ge
    docht om of ons de heer almacht noch Een soon
    gaf dat wij de naem van godert adrijaen
    mochte daer voor reeserveere, de heer van
    wulfve en wellant sijn deese merge weer
    vertrocken, mosten de vergaderin vande state
    bij woonen onse joncker van Ameronge sijn sijn
    acksie gereesen, de kraem vrou ent kint sijn
    noch heel wel naer de geleegentheijt pesenteert
    haeren dienst, s en ick blijf
    Mijn heer en lieste hartge

    uhEd getrouwe wijff
    M Turnor

    Op 10 maart 1672 krijgt het kind zijn christelijke doop ontvangen in de Andrieskerk in Amerongen. Dit is voor Margaretha een belangrijk moment. Haar schoondochter is katholiek en ze wil er alles aan doen om haar kleinkinderen goede protestanten te laten worden. De nieuwste telg uit het geslacht Van Reede wordt Reiniera genoemd, naar de vader van Philippota, Reinier van Raesfelt. Dit vindt Margaretha een goede keuze, want als er nog een zoon geboren wordt, dan is de naam Godard Adriaan in ieder geval nog vrij. In 1670 was de eerste zoon geboren die al Godard Adriaan heette, maar het jochie overleed al in 1671. Met de kennis van nu kunnen we zeggen dat die inderdaad nog komt: in 1674 wordt zoon Godard Adriaan geboren. In 1678 wordt nog een zoon geboren, dus ook Reinier wordt nog vernoemd: Reinhardt.

    Interieur van de Andrieskerk in Amerongen. Foto: P. van Galen. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Amersfoort / 294921
  • Een groot sieraet aen beijde de hoofven

    DatumPlaats
    Geschreven7 maart 1672 Amerongen
    Ontvangen14 maart 1672
    Lees de hier de originele brief (let op: de toegevoegde brief van 4 maart is tussen deze brief door gescand).

    Met het voorjaar op komst is Margaretha kennelijk het gevoel van oorlogsdreiging helemaal kwijt. Er wordt gewerkt in de hof! Daem Hendrixse uit het dorp heeft werk aangenomen en is hard bezig. Margaretha hoopt dat de dooi doorzet, zodat hij zijn werk af kan maken. Het staat immers zo slordig als alles er half af bij ligt. Daem is begonnen met reparatiewerk, maar zoon Godard heeft ook nog wel wat goede ideeën.

    Perenbloesem, met op de achtergrond het huidige kasteel Amerongen

    Aan de muur bij de straat aan de noordkant van het terrein staan nog steeds leiperen.

    https://hetutrechtsarchief.nl/collectie/609C5BCAD4894642E0534701000A17FD

    De huidige tuin van kasteel Amerongen heeft nog steeds hoogteverschillen. Door muren wordt hoogte verschil opgelost.

    met deesen doeij daer meede wij hoopen het ijs
    teenemael wt het water sal gaen, schiet
    ons nu alt werck teffens over de hant, dae
    daem is beesich met sijn aengenoome werck te
    voldoen en geloofve hij merge gedaen sal
    krijgen, als dat nu so ten halfve afgegraefe
    blijft legge salt seer slordich daer staen
    dat muertge daer de doorne hech lans den
    Booven hof ende wt geroijden boogaert1boomgaard op staet
    diende ock wel gereepareert en overal aen ge –
    stopt, de heer van ginckel meent dat Een groot
    sieraet aen beijde de hoofven sou geefven dat
    men Een gif glintintge2Latwerk dienende om vruchtboomen te ondersteunen of leiboomen te leiden op de selfde fatsoen
    en manier gelijck rontom den nieuwe hof
    is niet hoocher als nu de doorn die der op staet is
    is, en opdie hoochte, op dat voorseijde muer
    tge vande boven hof sette, en dat men dan
    fruijt boomges teegens dat muertge omlaech
    liet sette die soude dan hoochte genoech hebe
    om tegens die glintin op te wasse, en alst
    niet hoochger komt sout het gesicht vant
    Eene hof int ander gans niet beneeme
    maer Een reegeliere teijt geefven, uhEd

    belieft eens te schrijfve oft deselfve gevalt so
    soude ickt laete maecke op dat wij die hoofve
    Eens in Esse mochte krijgen3In esse mogen krijgen: in goede staat mogen krijgen, hiermeede blijfe
    Mijn heer en lieste hartge

    uhEd getrouwe wijff
    en dieners M Turnor

    Een muur met leifruit

    Het muurtje om de bovenhof moet gerepareerd worden. Kennelijk is daar net een boomgaard gerooid. De tuin van het kasteel heeft een hoogteverschil waardoor verschillende tuinen ontstaan en één daarvan is kennelijk de bovenhof (nu de boventuin). Het idee van haar zoon is om latwerk (glintinge) aan te brengen, waar fruitbomen tegenaan kunnen groeien. Margaretha is verguld met het idee, want zo kan je toch nog van de ene naar de andere hof kijken. Ze eindigt haar brief met de vraag of haar man ook maar eens zijn mening wil schrijven en als het hem bevalt, dan zal ze er werk van maken, zodat de hof eindelijk eens op orde is.

    Fragment uit September (anoniem, 1584), collectie Rijksmuseum
  • Willem III, kapitein-generaal!

    DatumPlaats
    Geschreven26 februari 1672Amerongen
    Ontvangen7 maart 1672
    Lees de originele brief hier

    Margaretha heeft groot nieuws om met Godard Adriaan te delen. Prins Willem III is namelijk eindelijk benoemd tot kapitein-generaal van het Staatse Leger! Het duurde lang voordat deze benoeming door de Staten-Generaal kwam omdat Raadspensionaris Johan de Witt weinig voelde voor iemand benoemen vanwege zijn afkomst. Het is voor Margaretha niet helemaal duidelijk wat de benoeming van Willem III precies betekent. Is het een benoeming voor het leven of slechts voor “deel Expedisie”, voor één veldtocht?

    Willem III legt de eed af voor kapitein-generaal
    “Zijn Hoogheijt, d’heer prins van Oranje wort Capiteijn Generael gemaakt, den 25 februarij, 1672”
    Willem III ingezworen als kapitein-generaal, 1672, Romeyn de Hooghe, 1672 – 1674. Collectie Rijksmuseum

    Daar duidelijkheid in scheppen is voor Margaretha belangrijk: als kapitein-generaal voor het leger kan Prins Willem III vaste benoemingen doen. Nu Willem III benoemt is kan er overgegaan worden op het benoemen van de andere hoge ambten, zoals de positie van generaal-majoor waar zoon Godard van Ginkel naar had gesolliciteerd.

    Als Willem III benoemd is tot kapitein-generaal zijn de benoemingen die hij doet van veel langere duur dan wanneer hij enkel opperbevelhebber voor één veldtocht zou zijn1Toen hij werd aangesteld was hij nog niet levenslang benoemd. Dat zou, volgens de in Februari gemaakte afspraken, pas gebeuren op 14 november 1672, Willems verjaardag. Margaretha is hier op het moment van schrijven kennelijk niet volledig van op de hoogte.. Margaretha hoopt dat haar zoon de promotie krijgt die hij, in haar ogen, verdient. Vader Godard Adriaan is namelijk altijd een sterk voorstander geweest van Willem III in de Staten van Utrecht en zoon Godard van Ginkel dient al sinds zijn jeugd in het leger.

    [serveere,] hoe sijt nu met den heer van ginck 
    -kels sollisitasie2Godard van Ginkel had eerder dit jaar gesolliciteerd voor een positie als generaal-majoor maar had nog niets gehoord sulle maecke sal te ver
    wachte staen, waertoe mijns oordeels de
    wijlle sijn hoocheijt de prins van oransge 
    nu voor kaptein generael3kapitein-generaal is de hoogste rang in het landleger van de Republiek dees Expedisie is aengenoome
    hij wt moet sien, want so geseijt wort sulle
    se nu tot het vergeefve van de hoochge
    Amtte gaen, ick ben blijde uhEd sijn
    sentimente daer ontrent met de mijne

    so wel ackordeere4overeenkomen, heb Even het selfde aen
    de heer van ginckel geseijt als uhEd hem
    schrijft, hij gaet vandaech naer wttrecht 
    om sijn solisitasie aldaer te bevordere
    en meent voort Een keer naer den haech
    te doen [het vriest hier weer so fel als]

    Het volk viert feest!

    Voor de adel betekent Willem III’s benoeming kansen om te klimmen in de rangen. Voor de rest van het volk betekent het een einde aan de onzekerheid en kan er feest gevierd worden. Honderden mensen gaan de straat op in Den Haag en er wordt druk getrompetterd.

    [spaen noch,] wt den haech schrijft men
    mij dat daer met het aeneemen vande
    prins sulcke ongemeene vreucht is ge
    weest datter den heelle nacht honder
    de van mense op de strate waeren dat
    d’Een sonch dander5zonder de ander tromde dander blies
    de trompet met sulcken geijuijch dat
    niet te seggen is de heer almachtich
    wil sijne onse wapenen door hem seegenen en hem voor
    spoedich maecke, den heere beverline6Hieronymus van Beverningh, Gouds regent en diplomaat. Hij wordt nu benoemd tot gedeputeerde te velde: dat houdt in dat hij Willem III’s beslissingen op het slagveld mag overstemmen heeft hier
    groote Eer ingeleijt so men seijt, [hier]

    Het is alsof God de wapenen zegent, zegt Margaretha. Eindelijk is er een sprankje hoop. Lijkt het.

  • Doesburg versterkt

    DatumPlaats
    Geschreven11 februari 1672Amerongen
    Ontvangen23 februari 1672
    Lees hier de originele brief

    Op 11 februari schrijft Margaretha nogal geïrriteerd naar Godard over Philippota’s zwangerschap. Naast dat onderwerp bespreekt ze ook militaire ontwikkelingen in de Republiek.

    De eerste maanden van 1672 kenmerken zich door enorme vrieskou en het water in de rivieren bevriest. Een zorgelijke zaak want zowel de IJssel als de Rijn zijn onderdeel van de verdediging van de Republiek. Bij een bevroren rivier zou de vijand er gewoon over heen kunnen lopen. Margaretha denkt echter dat de vijand dat niet zou durven: straks komen ze nog vast te zitten in het land als de rivieren weer dooien.

    [sij is noch hier,] en naert segge van de
    meeste wort geoordeelt dat hoewelt
    hier harder vriest alst noch vant heelle
    ijaer heeft gedaen, en dat al de reeviere1rivieren
    sitte2bevroren zijn, dat de vijant hem niet sal derfve3durven
    so verde hier int lant begeefve vermidts
    het te laet int ijaer wort, ock heeft me

    nu de stat van doesburch4Doesburg en voort de boo
    – ve frontiere5grenzen vande kruijt6buskruit en sonte ver
    sorcht ock spreecktme van Een vliech –
    gent leeger7mobiel leger wat inspringt waar nodig van 8000 man naer men
    te sende, [ons silver koster met noch]

    De Rijn en de IJssel zijn versterkt met meerdere vestingsteden, waaronder Doesburg. Doesburg ligt aan de IJssel, vlakbij Kasteel Middachten, het thuis van zoon Godard van Ginkel. Van Ginkel zelf is op dat moment is Doesburg: daar is immers zijn regiment gestationeerd. Voor Margaretha en Godard Adriaan is het dus goed nieuws dat de stad nieuwe voorraden kruit heeft gekregen en dat er een mobiel leger die kant op gaat. Hoe sterker Doesburg is, hoe groter de kans is dat Godard van Ginkel het overleefd.

    Kaart van de vestingstad Doesburg in 1654 door Nicolaes van Geelkercken. Collectie Gelders Archief