Tag: Lexmond

  • Complimentjes maar geen salaris

    DatumPlaats
    Geschreven10 november 1672Den Haag
    Ontvangen16 november 1672Rüsselsheim
    Lees hier de originele brief

    Margaretha’s brief aan Godard Adriaan van 10 november is lang en is grotendeels gewijd aan de bureaucratie van Den Haag. Margaretha jaagt nog steeds achter Godard Adriaans salaris aan, maar lijkt maar geen geluk te hebben. Ze wordt keer op keer van het kastje naar de muur gestuurd en lijkt nog geen stap dichter bij die felbegeerde, welverdiende vergoeding te zijn.

    Complimentjes van de Staten-Generaal

    Geld krijgt Godard Adriaan niet van de Staten-Generaal, maar wel complimenten. De heren der Staten-Generaal bedanken Godard Adriaan voor het werk wat hij doet aan het hof van de Keurvorst. Ook spijt het hen, dat Godard Adriaan al in geen tijden brieven van hen heeft ontvangen. Griffier Fagel had afgesproken met Godard Adriaan dat hij hem op de hoogte zou houden van wat er speelt in Den Haag, maar dat is niet gebeurd. Fagel claimt wel dat het niet zijn schuld is, natuurlijk. Om de pijn wat te verzachten weet Margaretha te vertellen dat Fagel inmiddels wel heeft toegezegd zélf achter Godard Adriaans vergoeding aan te gaan. Of het dan echt gaat gebeuren, blijft natuurlijk de vraag. Fagel roept dit namelijk al langer.

    Brieffragment met de complimentjes van de Staten-Generaal

    doch heeft den grifier fagel mij be=
    looft daer nu sorchge vooor te drage en t selfe
    ter generaEliteijt voor te brenge, ock mij ge
    seijt uhEd met deese post de reesoluijsie van
    haer hooch Mo1Hoog Mogende Heren: leden van de Staten-Generaal alle die der sijn toe te sende, protesteert
    seer dat hem leet doet uhEd geen meer briefve
    krijcht, dat het selfve sijn schult niet is, seijde
    ock dat haer hooch Mo so wel voldaen sijn
    over de meemoorije die uhEd aende keurvorst
    heeft overgeleefvert gelijck deselfve wt de
    brief van haer hooch Mo in dato vande v24
    ockto sal hebbe gesien, [ick dancke godt dat het]

    Tekening van mensen die aan de oever van de rivier zitten. Links een zeilboot, daarachter een roeiboot. Aan de overkant een kerk en een paar huizen.
    Gezicht op het dorp Jaarsveld, Roelant Roghman, ca. 1646 – ca. 1647. Collectie: Rijksmuseum

    Oorlogsnieuws

    De Franse troepen houden het niet bij het plunderen en platbranden van Waverveen: ook Lexmond en Jaarsveld zijn aan de beurt. Lexmond is uitgeplunderd en in Jaarsveld hebben de Fransen een kerk met een huis afgebrand en het dorp geplunderd. Vianen blijft ongeschonden: de vrijstad Vianen maakt officieel geen deel uit van de Republiek en is dus neutraal is de oorlog.

    Terwijl de Fransen huishouden op het platteland is het leger van Willem III nergens te bekennen. Gerucht gaat dat het naar Luik op weg is.

    Brief over de aanval van de Fransen

    so voort laete kontiniweere, viaenne2Vianen is nuijterael
    en de franse hebbe lexmont teenemael wtgeplo=
    = ndert en ijaersfelt3Jaarsveld de kerck met Een huijs afgebrant
    en vangelijcke teenemael wt geplondert, sijnhoo4Zijn Hoogheid, Willem III
    is met sijn bij hebbende krijsvolckere daer de heer
    van ginckel bij is Eergistere opgebroocke waer
    sij heene gaen weet men noch niet men seijt
    wel naer luijck maer ick gelooft niet, de heer

    Tekening (gewassen pentekening) van het 18e eeuws Lexmond:: een pleintje met bomen en een pomp, daarachter de kerk. Rechts een rijtje huizen en links een poortje en een huis. De andere huizen zijn verborgen achter de bomen. Het is een zonnige dag.
    Gezicht op Lexmond, Cornelis Pronk, 1733. Collectie: Rijksmuseum

    Ook op zee is er nieuws. Een vloot bestaande uit dertig dubbel bemande fregatten en talloze branders is uitgevaren onder leiding van Michiel de Ruyter. Margaretha en ieder om haar heen hopen dat hier in de komende dagen goed nieuws uit komt. Ook hoopt ze dat er binnenkort iets meer bekend wordt over de aankomst van het leger van de Keurvorst. Dat is nu al maanden onderweg en lijkt maar weinig dichterbij te komen.

    Brieffragment over de vloot van Michiel de Ruyter

    almachtich wilse geleijde en voor haer trecke, den Admirael
    de ruijter5Michiel de Ruyter is ock met dartich frijgatte die dobbelt gemant6dubbel bemand sijn   
    en Ettelijcke branders7Brander: Een schip, geheel en al ingericht en met vuurwerken en allerlei spoedig brandbare stoffen toegeladen ten einde ‘s vijands schepen aan boord te leggen en ze in brand te steken. in see daer men alledaech verwacht
    en hoopt wat goets van te hoore, vant leeger van de keurvorst 
    verlanckt men nu ock te hoore wat koers die neeme, den heer
    van wellant heb ick hier sieck gevonde en is noch heel
    niet wel heeft Een loop  en Een kleijn koortsge ohoope het
    haest beeteren sal, hier meede blijfve

    Het ongeluk is nog niet klaar met neef Welland8Goderd Willem van Tuyll van Serooskerken, pleegzoon van Godard Adriaan en Margaretha: na alle rampspoed van het afgelopen jaar is hij nu ook nog ziek geworden. Margaretha hoopt dat het snel beter zal gaan met hem. Voor nu valt het gelukkig mee, Welland heeft alleen een beetje koorts.